ALGEMEEN

 bl pierre labyr

ALGEMEEN

Advertenties

1A) Levensbeschrijving en inleiding tot het werk

.

Eric ITSCHERT

.

Korte levensbeschrijving en inleiding tot het werk:

.

Eric Itschert werd geboren in 1954 in Overijse, België. In 1978 behaalde hij zijn architectendiploma op de “Ecole Supérieure d’Architecture Saint-Luc” in Brussel.  Buiten deze opleiding, waar hij uiteraard ontwerp en perspectief leerde, heeft Eric geen verdere academische kunstopleiding genoten: het geheim van zijn techniek komt van elders. Terwijl hij nog op de middelbare school zat, volgde hij reeds lessen in het schilderen met olieverf bij de schilder Georges Lambillotte. Maar vooral door het leren van het icoonschilderen bij meesters als Drobot (St Serge,  Parijs, zomer 1973), Bernard Frinking (1986 en 1987), en op Paros in de Cycladen (1989), maakte Eric zich de voorouderlijke technieken van het schilderen met tempera eigen, iets wat men in de academies al lang vergeten was. Eric is actief op het gebied van de architectuur, de iconografie, de schilderkunst en tevens als illustrator (Editions Louis Musin ).

2A) 1992

Aïnigma

Aïnigma (100cm x 140cm), olieverf op doek, copyright Eric Itschert

.

1992, eerste grondslagen van het “constructief blauw symbolisme”.

.

Maar zijn meest origineel werk begint hij ongetwijfeld in 1992 met grote figuratieve, gedetailleerde doeken, vol symboliek.  Datzelfde jaar legt hij de eerste grondslagen van het “constructief blauw symbolisme”. Het eerste dat opvalt is het zeer bijzondere blauw, de nadrukkelijke aanwezigheid van het menselijk wezen, de veelvuldige voorstelling van het waterelement en het labyrint, het streven naar een schoonheidsideaal “met het doel het beeld van de mens te herstellen”. Het zijn realistische doeken, die een zekere idealisering niet uitsluiten. De werken van Eric Itschert worden bevolkt door menselijke wezens, gekleed of naakt;  zij zijn zich bewust van het leven maar ook van de dood, die ons allen wacht. Zijn personages, al dan niet met androgyne trekjes, zijn in harmonie in een bevreemdende omgeving. Eric schildert schoonheid op het ogenblik dat die schoonheid even tot stilstand lijkt te komen. Zijn wereld is er een die we achter de spiegel kunnen vermoeden.

.

Détail aïnigma-moyen

“Aïnigma”, detail1, olieverf op doek, 100cm x 140cm, copyright Eric Itschert

3A) 1995

.

1995, het thema van zwembaden.

.

Parallel met de mythologische thematiek, begint Eric in 1995 aan een nieuwe serie doeken met als thema zwembaden. Deze serie leidt  tot de ontwikkeling van zijn blauw, waarvan de technische geheimen dateren van zijn bezoek aan Paros. De zwembaden kent hij vanuit zijn innerlijk, want hij houdt nu eenmaal van zwemmen. Geen enkel zwembad, dat hij op zijn doortocht tegenkomt, ontsnapt aan zijn bezoek.

.

swimmig-pool-N1-005

© Eric ITSCHERT

 Aïnigma beta, onderste paneel, olie op lijndoek, 1995. Elk paneel meet 50cm op 70cm.

.

.

blauw-n6blauw-n7blauw-Vblauw-Y

4A) 1997

.

1997, confrontatie doeken-installatiekunst-kijkdozen.

.

In 1997 exposeert hij een serie doeken in Antwerpen waarin hij de theorieën van het “constructief blauw symbolisme”  verwoordt: hij vermengt in dezelfde expositie de strekkingen van de meest tegenstrijdige kunsten.  Hij confronteert zijn doeken met de figuratieve, gedetailleerde en realistische kunst, met installatiekunst en met kijkdozen. Het merendeel van deze laatste zijn gemaakt naar het voorbeeld van wat reeds geschilderd is (de conceptualistische notie). De confrontatie vraagt om een symbolische lezing van het geheel.  Wat de confrontatie installatie – schilderkunst betreft, deze vond reeds plaats lang voor de introductie van de werken van Martin Eder (School der Schone Kunsten te Dresden) vanaf 2001 in Duitsland.  De visualisatie van objecten in taferelen is een beschouwing op het “Magrittiaans” concept “ceci n’est pas une pipe” (dit is geen pijp.)  Deze objecten in het echt opzetten in dozen herbevestigt echter: “maar dat is wel degelijk een pijp!” Wat betreft het “dit is geen pijp” concept stelt het “blauw symbolisme” een alternatieve lezing voor door het beeld in ere te herstellen: “Men kan zandkastelen bouwen terwijl men weet dat zij niet zo lang zullen overleven als hun beeld of zelfs hun foto. Zij zijn het beeld van de korte duur van ons eigen leven. Elk spel heeft een beginnende en psychologische belang. Elk wezen brengt zijn eigen vluchtigheid met zich mee. De schijnbare tegenstrijdigheid van het beeld is zijn prototype te kunnen overleven: het zandkasteel zal allang zijn verdwenen, het kind dat het gebouwd heeft is een grijsaard geworden en het enige dat zal overblijven zal een fragiele en vergeelde foto zijn: een beeld van een kind dat een zandkasteel bouwt . . . “ Dus wordt het thema van het geheugen en de tijd in die tijd reeds als vanzelfsprekend bereikt: het zandkasteel zal niet meer dan enkele uren meegaan, de kindertijd slechts enkele jaren, de foto of de tekening zal het misschien een eeuw uithouden en de schilderij, uitgevoerd met technieken die dateren van voor het impressionisme, misschien enkele eeuwen. Natuurlijk is de installatie die van een echt zandkasteel.

.

scan 003scan 001scan 002

Zwin”, olie op doek, copyright Eric Itschert

5A) ‘Less is no more’

.

‘Less is no more’

.

Deze onschuldige confrontatie tussen tekeningen, schilderijen en een “minimalistische” installatie valt niet ten voordele van de laatste uit, beter nog: zij schakelt haar uit en vernietigt het vooroordeel dat wij al jaren hebben: “less is more”.  Deze visie heeft de schilderkunst vergiftigd en is tot het absurde doorgedreven door de schilder Yves Klein in zijn tentoonstelling “exposition du Vide” in 1958 in de Galerij Iris Clert, toen hij een vernissage had in een lege zaal met niet bestaande schilderijen. Na deze “remake” van een oude vertelling over de kleren van de keizer, kon de schilder Yves Klein niets anders doen dan op zijn stappen terugkomen en iets meer tonen. 

 

Ook nog in 1997, engageert de Galerie Reinold Ketelbuters Eric Itschert en blijft zij met de kunstenaar samenwerken totdat de galerij in 2002 de deuren sluit. Het geschilderde werk van de kunstenaar geniet de voorkeur.  Tijdens de tentoonstelling in 2002 waarbij hij enkele schilderijen in de galerij exposeert, begint de schilder aan een nieuwe reeks doeken met een persoonlijk karakter, beetje bij beetje het dominante blauw achter zich latend. Enkele van zijn titels worden ook langer, inspelend op de dialectiek tussen tekst en beeld.

.

.

at-autoportrait-n1-91

“autoportrait N1-91”, zelfportret, olie op doek, 100cm X 70cm.

6A) 2006, “Het geheugen en de tijd”

 

2006, “Het geheugen en de tijd”

 

Eric Itschert exposeert gedurende 4 dagen grote figuratieve doeken op de ‘Fondation Isabelle Masui’, een plaats die kunstgeschiedenis heeft geschreven . De serie van doeken in olie, acryl en tempera verdiepen de beschouwingen van de schilder over het geheugen en de tijd. Het gaat hier om een vorm van denkbeeldig museum, waar figuratieve doeken een confrontatie aangaan met monochrome schilderijen, een installatie en  objecten in kijkdozen.  Hoe meer de doeken geschilderd zijn om lang mee te gaan, hoe meer de objecten breekbaar zijn, zelfs onderhevig aan bederf.    Men treft niet alleen het zichtbare aan op de tentoonstelling: ook geuren van pijnbomen en cipressen worden opgeroepen, of nog geluiden zoals die van de zee …

masqueInstallatie, copyright Eric Itschert.Pommes de pin bl 116